Museum Security Network

Valt er iets te leren van de schilderijendiefstal in Sao Paulo?

Het eerste dat opvalt bij deze diefstal van de schilderijen van Picasso en portinari – geschatte waarde boven de 50 miljoen Euro – is dat slechts drie minuten nodig waren om de diefstal te plegen. Dat was snel maar nog geen record. De inbraak en diefstal in Wenen uit het Kunsthistorisches Museum enkele jaren geleden waar de beroemde Saliera van Benvenuto Cellini werd gestolen duurde slechts 56 seconden. Waarde van Cellini’s zoutvat: € 50.000.000,00. Bij mijn weten vond die inbraak en diefstal in een wereldrecordtjd plaats. Een inbraak die door de eerste de beste gelegenheidsdief kon worden gepleegd maar de directeur van dat museum beweerde het slachtoffer te zijn geworden van een hoog-professionele crimineel. Er is geen enkele professionaliteit nodig om een steiger te beklimmen, een onbeveiligde ruit en een onbeveiligde vitrine in te slaan en er met het hightlight van dat museum vandoor te gaan. Het enige dat nodig was, was brutaliteit.

We horen dat vaker – ook in Nederland – wanneer zich een inbraak met diefstal voordoet. De crimineel krijgt dan complimenten met zijn professionaliteit van de geslachtofferde museumdirecteur. De beveiliging zou prima zijn, maar de professionaliteit van de crimineel te hoog. De waarheid is echter dat de beveiliging tekort schiet. Dat is blijkbaar heel moeilijk toe te geven.

De inbraak en diefstal in Sao Paulo duurde drie minuten. Daar is natuurlijk geen enkele alarmopvolgingsorganisatie tegenop gewassen. Op kinderlijk eenvoudige wijze werd met behulp van een autokrik een rolluik omhoog gewrikt. Alle musea die bij hun beveiliging gebruik maken van rolluiken moeten eens kritisch kijken of die rolluiken ook werkelijk inbraakvertragend zijn. 99% van alle rolluiken heeft namelijk een zeer beperkte inbraakvertraging. In Nederland bestaan slechts twee inbraakvertragende gecertificeerde rolluiken. Alle andere rolluiken zijn ‘pap’.

Ik had het kunnen voorspellen: ook nu heeft zich weer een politieman gemeld met de mededeling dat de diefstal in Sao Paulo moet zijn verricht in opdracht van een zonderlinge verzamelaar die niet genoeg geld heeft om kunst legaal te kopen.

Hoewel het heel moeilijk aan te tonen is dat iets niet bestaat, is het wel zo dat een dergelijke zonderlinge verzamelaar nog nooit gevonden is, anders dan in speelfilms (o.a. de 007 film: Dr.No). Wordt kunst dan niet gestolen op bestelling? Ongetwijfeld wel, maar dan is het bestelling binnen het criminele milieu. Er zijn voorbeelden van helers die tegenover criminelen heel duidelijk zijn over de objecten die ze met graagte inkopen. We hebben het dan niet over beroemde schilderijen als de twee die in Sao Paulo gestolen werden, maar over makkelijk verhandelbare kuntobjecten uit een lagere waarde- en faamcategorie. Waar blijven die gestolen beroemde schilderijen dan? Naar het nu lijkt binnen het criminele circuit. Vijftig % van de gestolen schilderijen keert na gemiddeld 7 jaar weer terug. Hoewel verzekeraars het altijd ontkennen sluit ik niet uit dat af en toe losgeld betaald wordt. Naar mijn mening worden gestolen schilderijen iets te vaak ‘bij toeval’ in een vuilniszak teruggevonden. Het is bekend dat losgeld betaald werd voor de Turner schilderijen die een tiental jaar geleden gestolen werden uit de Schirngallerie in Frankfurt. Hoewel de overtuiging heerst dat beroemde schilderijen niet verkoopbaar zijn is inmiddels duidelijk dat onverkoopbaarheid niet ‘bescherming tegen diefstal’ betekent.

Belangrijkste les uit de diefstal in Sao Paulo – en inbraken met diefstal in alle andere geslachtofferde musea – is dat de beveiliging zo moet zijn ingericht dat de musea meer tijd hebben om adequaat te reageren dan inbrekers nodig hebben om hun slag te slaan. Geklets over diefstal op bestelling is niet gebaseerd op feiten en dus nutteloos. Deze diefstal moet wederom een les inhouden, namelijk dat veel meer aandacht moet worden besteed aan integrale beveiliging van musea op basis van inbraakwerendheid, vroegtijdige electronische signalering en een adequate alarmopvolging.

Moeilijk? Niet echt. Duur? Wat is te duur om schilderijen van tientallen miljoenen te beschermen? Is er te weinig budget? Nonsense. Het is een kwestie van prioriteiten stellen. Gejammer achteraf en gewentel in de slachtofferol toont slechts falend management aan.

Ton Cremers toncremers@museumbeveiliging.com

Leave a Reply

%d bloggers like this: