Museum Security Network

Nog een keer: De Kunsthal, Emily Ansenk en ‘state of the art’ beveiliging

In de nacht van 15 op 16 oktober werden bij een inbraak en diefstal zeven kostbare (hoe kostbaar is onduidelijk) schilderijen gestolen uit de Kunsthal in Rotterdam. De ochtend van 16 oktober werd ik door een journalist gebeld over deze inbraak. ik wist op dat moment nog van niets. Al snel kwam de hele publicitaire machine op gang en werd ik binnen een half uur zestien (!) keer gebeld. Resultaat: de hele dag interviews met radio- en TV-journalisten uit binnen- en buitenland. Veel van de interviews werden opgenomen aan de achterzijde van de Kunsthal. Ik heb de hele dag – tegen beter weten in – vragen van journalisten over de kwaliteit van de beveiliging beantwoord met: “Op een schaal van 0 tot 10 verdient De Kunsthal een 8”. Het is nu eenmaal niet mijn gewoonte een op de grond spartelend slachtoffer na te trappen (voor alle duidelijkheid: het is ook niet mijn gewoonte, en zelfs in strijd met mijn beroepsethiek mededelingen te doen over musea waar ik voor gewerkt heb; ik werkte niet voor De kunsthal, noch voor de directrice Emily Ansenk; ik heb haar nooit ontmoet). Zelfs ‘s avonds toen ik door Matthijs van Nieuwkerk geïnterviewd werd in De Wereld Draait Door heb ik niet het achterste van mijn tong laten zien en beperkte mij tot de kwalificatie dat er blijkbaar ‘verbetermogelijkheden’ zijn. Ik had wel al twee keer de directrice van De kunsthal, Emily Ansenk, in persconferenties aan het woord gehoord. De eerste persconferentie vond plaats op 16 oktober om 14.00 uur. Die tijd is belangrijk omdat Emily Ansenk toen in haar Kunsthal ingebroken werd in het buitenland verbleef. Pikant detail is niet alleen dat Emily Ansenk tijdens de viering van het 20-jarig bestaan van De Kunsthal in het buitenland was, maar dat ze daar was in een periode waarin een van de belangrijkste tentoonstellingen uit de geschiedenis van De Kunsthal plaatsvond. Het wordt nog boeiender wanneer in de krant te lezen staat dat Emily Ansenk unverfroren en alsof het de normaalste zaak van de wereld was voor het slapen gaan haar telefoon op stil zette. Eindverantwoordelijke directeur van De Kunsthal, een zeer kostbare en belangrijke tentoonstelling, breed uitgepakt met 20-jarig bestaan, en dan zet je je telefoon op stil omdat je lekker slapen wilt, alsof je staf (en familie) niet zouden weten dat ze je ‘s nachts alleen voor dringende zaken mogen bellen? Je telefoon op stil?? Dat gaat er bij mij niet in, maar blijkbaar vindt Emily Ansenk dat de normaalste zaak van de wereld.

Maar goed…Emily Ansenk komt dus om 12.00 uur op Schiphol aan en zal vandaar ongeveer een uur nodig hebben gehad om in Rotterdam aan te komen. Weer een uur later geeft Emily Ansenk een persconferentie en waar begint ze mee…met: “Dames en heren, eerst wil ik de mededeling kwijt dat deze inbraak in de Nederlandse museum- en kunstwereld (wie zijn dat?) als een bom is ingeslagen”. Een overbodige verklaring omdat inbraken in musea waarbij kostbare objecten worden gestolen altijd als een een bom inslaan. Er is echter meer: Emily Ansenk is nog geen twee uur in Nederland en weet nu al te melden hoe de Nederlandse museum- en kunstwereld deze inbraak ervaren heeft. Managers die vermoedens en platitudes, de intelligentie van toehoorders onderschattend, presenteren als gecontroleerde feiten zijn blufmanagers die meestal iets te verbergen hebben. Later op de dag werd het nog erger. Volgens Emily Ansenk was de beveiliging van De Kunsthal ‘state of the art’. Zo zeer ‘state of the art’ dat de volgende dag allemaal betonnen plantenbakken voor de glazen puien werden geplaatst. Blijkbaar kan zelfs ‘state of the art’ nog beter. Een idiote actie, want er had helemaal geen ramkraak plaatsgevonden, of was het misschien zo dat Emily Ansenk het diep in haar hart met mij eens was dat het compartimentloze Kunsthalgebouw veel te kwetsbaar is voor een tentoonstelling met kostbare schilderijen?

Wat betekende die verklaring van Emily Ansenk dat de beveiliging van De Kunsthal ‘state of the art’ was? Niets anders dan dat er feitelijk geen ruimte was voor verbetering van die beveiliging. ‘State of the art’ betekent immers ‘het beste van het beste’, volgens de modernste inzichten en technieken. Dat Emily Ansenk zoiets bedoelde bleek een dag later toen ze in De volkskrant werd geciteerd met de mededeling dat er geen reden was de beveiliging aan te pakken (enkele dagen later herhaald in een lang interview – grotendeels afgenomen voordat die rampzalige inbraak plaatsvond – in NRC/Handelsblad).

Na de absurde verklaringen door Emily Ansenk – hoe haalde ze het in haar hoofd om de beveiliging van De kunsthal te loven nadat die beveiliging zo ernstig gefaald had – kon ik niet anders dan werkelijk mijn mening te geven over die slordige beveiliging. Had ik Emily Ansenk gesteund in haar wereldvreemde kwalificaties over de beveiliging van De Kunsthal, dat had ik mij volledig belachelijk gemaakt tegenover mijn peergroup, de (museum)beveiligingswereld. Voor iedere beveiliger, en niet alleen voor deze beroepsgroep, was het immers overduidelijk dat de beveiliging van De Kunsthal ‘het naatje’ is. Wat dat betreft waren de camerabeelden die op TV en internet getoond werden overduidelijk: ze lieten immers zien dat de beveiliging van De Kunsthal alles behalve ‘state of the art’ is.

Wat bezielde Emily Ansenk om deze ‘state of the art’ verklaring af te geven? Er zijn enkele opties. Emily Ansenk was (is nog steeds?) de overtuiging toegedaan dat de beveiliging van De Kunsthal ‘state of the art’ is. Iemand die zo blind is voor de feiten en zich zo naïef opstelt, hoort niet op de positie thuis van eindverantwoordelijke van De Kunsthal. Let wel: strikt genomen MOET de beveiliging van De Kunsthal ‘state of the art’ zijn omdat De kunsthal het tot zijn taak gemaakt heeft alleen bezittingen van anderen te tonen. De Kunsthal heeft geen eigen collectie. Wanneer je alleen eigendom van anderen toont, en dus tijdelijk verantwoordelijk bent voor die bezittingen, dan stelt dat extra eisen aan de beveiliging.

Er is nog een andere optie: Emily Ansenk wist wel dat de beveiliging niet ‘state of the art’ was, maar verklaarde dat tegen beter weten in (om zichzelf in te dekken?). Oeps; dat lijkt mij helemaal een reden op zoek te gaan naar een nieuwe carriere, want jokkende managers zijn slechte managers.

Mocht Emily Ansenk een security manager, facility manager, hoofd bewaking in haar team hebben die niet tegen zijn taak opgewassen is, dan is ook dat haar verantwoordelijkheid. Gelukkig weet ik dat er een deskundige in De Kunsthal in dienst is die alles afweet van INCI/DETAR en De Haagse Methodiek en de vereiste papieren op zak heeft. Dus, wat dat betreft hoeft Emily Ansenk zich niet te schamen (ook al was deze functionaris al in dienst toen Wim Pijbes aan het roet stond). Is het misschien zo, dat ze de deskundigheid binnen haar beveiligingsteam genegeerd heeft bij de voorbereidingen op deze tentoonstelling? Wie zal het zeggen? Ik weet het niet. De feiten hebben overduidelijk gemaakt dat De Kunsthal niet de maatregelen heeft getroffen die nodig waren voor veilig verloop van deze tentoonstelling. Iets te veel gericht op de feesten die een week na de inbraak plaatsvonden om het – willekeurige – 20-jarig bestaan te vieren?

Beveiliging en veiligheid behoren tot de kerntaak van ieder museum. Ook voor De Kunsthal, ongeacht het feit dat De Kunsthal strikt genomen niet onder de museumdefinitie valt. Emily Ansenk vindt dat ze aan museale normen moet voldoen, anders was ze de persconferentie om 14.00 uur op 16 oktober 2012 nooit begonnen met verwijzing naar ‘de Nederlandse museumwereld’. Als Ansenk dan toch vindt tot deze wereld te behoren, dan had ze veel beter zorg moeten (laten) dragen voor de beveiliging en veiligheid van De Kunsthal. Hoe absurd het was zich te verschuilen achter de verzekeraar (ze bedoelde natuurlijk verzekeringsmakelaar AON Artscope) zal ik in een volgende column toelichten.

Het wordt tijd dat binnen de Nederlandse museumwereld een bedrijfscultuur ontstaat waarbij falende directeuren – ik onderdruk met enige moeite de neiging weer over die mallotige Ruud Spruit, voormalig directeur van het Westfries Museum te Hoorn, te beginnen – niet wegkomen met nonsensverklaringen over de beveiliging van hun museum, maar ook werkelijk als eindverantwoordelijke worden aangesproken.

Joop Daalmeijer, voorzitter van de Raad voor Cultuur, verkondigde enkele maanden geleden dat musea zich zakelijker moeten opstellen. Dat geldt ook voor de conclusies die getrokken moeten worden indien er aantoonbaar gefaald wordt door de eindverantwoordelijke directeur. De inbraak en diefstal uit De Kunsthal toonden al aan dat er fundamenteel gefaald is. De ‘state of the art’ en aanvullende verklaringen door Emily Ansenk laten zien hoe hardleers dat falen is.

Word vervolgd: De Kunsthal en AON Artscope

Ton Cremers

 

 

Leave a Reply

%d bloggers like this: