Museum Security Network

Erfgoedinspectie – ArcheoMedia kapotgemaakt door de staat

Theo Toebosch 2017 13 dec 201713/12/2017

Op Kerstavond 1999 kan Aart Vermeulen niet bevroeden dat hij achttien jaar later zijn eten bij de voedselbank moet halen. Vol vertrouwen in een mooie toekomst zetten hij en zijn zakenpartner hun handtekeningen onder het contract bij de notaris, en daarmee is ArcheoMedia opgericht. De naam heeft hij zelf bedacht. ‘Archeo sprak voor zich, dat verwees naar archeologie, de sector waarin het nieuwe bedrijf werkzaam zou zijn. Media refereerde aan de verplichte publicaties over de opgravingen die we zouden gaan doen.’

Veranderingen op komst

In het begin gaat alles goed. Ze worden door de officiële instanties ‘geschikt’ bevonden ‘voor het verrichten van vergunningsgebonden opgravingswerkzaamheden’. Ze halen als eerste archeologisch bedrijf een ISO-certificering, de opdrachten stromen binnen, en voor ze het weten hebben ze 32 mensen in dienst en verhuizen ze naar een groter kantoor in Capelle aan den IJssel. Maar dan wordt in 2001 Willem Willems hoofdinspecteur van de net opgerichte Rijksinspectie voor de Archeologie.

Willems richt zich vooral op bedrijven die hij ziet als ‘cowboys’

De voormalig directeur van wat nu de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed is, heeft een uitgesproken mening over de archeologische markt die in de jaren negentig in Nederland is ontstaan. Liever had hij gezien dat er geen commerciële opgraafbedrijven waren toegestaan. In Engeland en Duitsland zag hij waartoe commerciële archeologie kon leiden: bedrijven die elkaar op prijs doodconcurreren, wat ten koste was gegaan van de kwaliteit van de opgravingen. De politiek heeft echter besloten dat ook in Nederland opgravingsbedrijven moeten komen. Weliswaar is er een kwaliteitsstelsel in het leven geroepen en is bepaald dat uiterlijk twee jaar na een opgraving een rapport klaar moet zijn, maar Willems is er niet gerust op. Hij ziet het als zijn taak om scherp in de gaten te houden of de bedrijven wel goed werk leveren. Hij richt zich daarbij vooral op enkele bedrijven die hij als ‘cowboys’ ziet, bedrijven die niet worden geleid door academisch gevormde archeologen.

ArcheoMedia is zo’n bedrijf. Vermeulen (71) noch zijn zakenpartner is archeoloog. Op zijn achtste deed hij wel al zijn eerste archeologische ervaring op. ‘Samen met mijn vader was ik bij de Hoge Berg op Texel bezig geweest om de grond om te spitten voor een kleine moestuin. Terwijl we aan het wroeten waren, stuitte ik op een aardewerken pot. Pas veel later zou ik van een echte archeoloog horen dat op die plaats een nederzetting uit de Bronstijd was geweest.’

Dan werkt Vermeulen al lang als milieudeskundige. Na chemie-opleidingen is hij in de milieuhoek terechtgekomen. Eerst bij de Dienst voor Milieuhygiëne van de provincie Noord-Holland, vanaf 1985 als zelfstandig adviseur. ‘Grote bedrijven als Shell, NAM en Volker Stevin behoorden tot mijn klanten.’

In die tijd steekt zijn interesse in archeologie en paleontologie de kop weer op. Hij legt contact met vissers in het Zeeuwse dorp Stellendam, want hij weet dat zij in hun netten geregeld botten aantreffen; botten van mammoeten en andere dieren uit de tijd dat de Noordzee nog een toendra was. ‘Voor een fles sterke drank mocht ik ze mee naar huis nemen.’

Lees hele artikel, inclusief afbeeldingen:

elsevierweekblad.nl/kennis/achtergrond/2017/12/kapotgemaakt-door-de-staat-114575w/

 

Comments are closed.

%d bloggers like this: