Prins Constantijn reikte 2 december 2015 de Grote Prins Claus Prijs (100.000 euro) uit aan de Iraanse fotografe Newsha Tavakolian, omdat zij een voortrekkersrol speelt in de cultuur en ontwikkeling van haar land. Zij woont in de Iraanse hoofdstad Teheran samen met de Nederlandse correspondent Thomas Erdbrink.

Technologie brengt de wereld dichter bij de mensen, maar leidt ook tot steeds meer “verwarring”, aldus Constantijn in het Koninklijk Paleis.

“We zien onbegrijpelijke en verontrustende beelden van gebombardeerde steden, opgeblazen monumenten en executies in Syrië, vluchtelingenstromen in Griekenland, Turkije, Jordanië en Libanon en terreuraanslagen in Parijs, Nigeria en Beiroet”, aldus Constantijn.

Datgene dat ver weg gebeurt, komt volgens de prins in onze eigen huizen, en bij wat dichtbij is, kijkt de hele wereld mee. “We hebben een mening over Afrikaanse leeuwen en Amerikaanse tandartsen, en zijn verrast over de wereldwijde verontwaardiging over de Zwarte Piet-discussie in Nederland. We zijn snel geschokt en willen snel een oordeel vellen, zonder de context te weten.”

Volgens de prins zoeken mensen naar snelle, simpele antwoorden en is nuance en inzicht soms ver te zoeken.

Een mening over Afrikaanse leeuwen en Amerikaanse tandartsen zonder dat we de contect kennen? Wat voor context moeten we hierbij kennen, meer dan de overduidelijke feiten?

Een puissant rijke smoelensmid geeft $ 50.000,00 uit om in Zimbabwe met zijn handboog een oude leeuw zwaar te verwonden om hem daarna twee dagen te achtervolgen en uiteindelijk met een geweerschot uit zijn lijden te verlossen. Wat voor context is hierbij nog nodig om diepe verontwaardiging te rechtvaardigen? Geen enkele! Hoeveel context wil die Von Amsberg junior eigenlijk hebben?

lees verder: Prins Context Constantijn von Amsberg

December 3rd, 2015

Posted In: niet museaal

Anti-democraat Jan Marijnissen wijsneusde op NPO Radio1 over de motieven van geweldsfetisjisten uit Molenbeek ook al weet hij niet of het mannen of vrouwen betreft of waar ze vandaan komen. Wat hij wel weet: de oorzaak ligt in Israel. Wat hadden die mensen op de terrasjes in Parijs en in het Bataclan te maken met Israel? NIETS, helemaal niets. Dat krijg je ervan als een anti-intellectueel niet verder kan kijken dan Oss.

Stalinistische Jan is diep van binnen een 100% anti-semiet.

Lees verder: http://www.meditatione-ignis.org/stalinistische-imam-jan-marijnissen-weet-wie-de-schuld-is-van-de-moorden-in-parijs-israel/

November 18th, 2015

Posted In: niet museaal

Tags: , , , , ,

Ik heb zo langzamerhand mijn buik vol van gezeur over discriminatie en racisme, vooral wanneer dat afkomstig is van mensen die veilig ingebed zijn in onze maatschappij en nog meer indien gesuggereerd wordt dat discriminatie een blank fenomeen is.

In De Wereld Draait Door van 11 november 2015 presenteerden Guus Meeuwis en Youp van ‘t Hek hun voornemen maart 2016 op te treden in Parijs. Meeuwis vertelde dat dit plan ontstaan was tijdens een etentje in Brugge waar hij Youp vertelde een zaal bemachtigd te hebben in Parijs. Youps reactie zou zijn geweest: “Daar ga jij niet zonder mij naartoe”. Tafeldame, negerin Sylvana Simons, meende voorafgaand aan de uitzending een andere lezing te hebben gehoord en kraamde zelfingenomen overtuigd van de leugenachtigheid van de heren triomfantelijk uit: “Dat is nou typisch mannen”!

Nu sluit ik niet uit dat mevrouw Simons een bovengemiddelde persoonlijke statistiek heeft waar het relaties met mannen betreft, maar of ze daarmee ook statistisch relevante conclusies mag trekken over ruim 3 miljard bewoners van dit ondermaanse, is de vraag. Dezelfde mevrouw Simons die zich, ook in het mediatieke inteeltdorp DWDD, gerechtigd voelde frontaal in de aanval te gaan tegen Martin Simek omdat deze zo onhandig was het over ‘zwartjes’ te hebben tijdens een gesprek over in Calabrie aangespoelde negers uit Afrika. Simeks verweer dat hij getrouwd is met een zwarte vrouw, ramde onze maat-aller-dingen Simons van tafel met “Dat heeft er niets mee te maken”. Volgens mij was dat wel relevant.

lees verder:

http://www.meditatione-ignis.org/negerin-sylvana-simons-discrimineert/

 

 

November 12th, 2015

Posted In: niet museaal

Tags: , , , , , , , ,

Uit Beveiliging Nieuws, 16 oktober 2015:

Tweederde gestolen kunst is bijna niet op te sporen

beveiligingnieuws.nl/nieuws/diefstal/tweederde-gestolen-kunst-is-bijna-niet-op-te-sporen “Ruim tweederde van de in Nederland gestolen kunst en antiek kan nauwelijks worden opgespoord. Doordat slachtoffers vaak niet beschikken over exacte gegevens of foto’s van de gestolen objecten.”  Dat zegt Martin Finkelnberg, hoofd van het landelijke politieteam kunst- en antiekcriminaliteit, die de database beheert, in deVolkskrant. Jaarlijks neemt het team zo’n 700 gestolen objecten op in zijn digitale kaartenbak. Ruim tweeduizend gestolen goederen worden niet geregistreerd in de database gestolen kunst van de Landelijke Politie omdat slachtoffers foto’s, serienummers, specifieke beschadigingen en andere kenmerken van hun kostbaarheden ontberen.Soms wordt kunst of antiek gevonden bij een vermeende crimineel, maar kan de eigenaar niet meer worden achterhaald. De rechter bepaalt dan of het wordt bewaard, geveild of vernietigd. Het publiek moet alerter, zegt Finkelnberg. Ook rechercheurs zouden kunstregistratie moeten opnemen in hun routine, net als dat nu wel bij gestolen auto’s gebeurt.

Als het waar is dat 1/3 van gestolen kunst opgespoord wordt – ik vraag mij in ernst af of de statistiek van Martin Finkelnberg niet te optimistisch is – dan scoort dat hoog in vergelijking met vele andere vormen van criminaliteit. Finkelnberg zegt zelf dat veel gestolen kunst niet geregistreerd wordt in de database van het KLPD omdat er te weinig detailinformatie beschikbaar is.

Dan is de conclusie gerechtvaardigd dat alleen 1/3 van geregistreerde gestolen kunst wordt opgespoord, want statistieken over niet geregistreerde gestolen kunst zijn er niet. Dit betekent dat van de totale hoeveelheid gestolen kunst veel meer zoekt blijft dan 2/3.
Wanneer je een overjarige 2hands auto koopt voor € 500, loop je tegen allerlei registraties aan: je moet hem verzekeren, het kenteken op naam zetten en wegenbelasting betalen. Met de duizenden camera’s langs de weg wordt je hele (handel en) wandel geregistreerd.
Het is echter altijd nog mogelijk kunst van duizenden tot miljoenen euro’s ongeregistreerd, desnoods contant en met zwart geld, te verhandelen.
De enige afdoende manier kunstdiefstal met een grote kans op succes te bestrijden, is de opname van alle kunst, vanaf een bepaalde waarde, in een positieve database.
Een utopie.
Ik bezocht meerdere keren het tweejaarlijkse congres van Interpol in Lyon over kunstcriminaliteit. De steeds terugkerende klacht daar was dat nationale politiecorpsen te weinig info aanleveren, en bovendien vaak met grote vertraging.
Kunstcriminaliteit is een grensoverschrijdende criminalteit.
Een nationale database is zinnig, maar absoluut niet voldoende.
De vraag die al jaren bij mij speelt, is of die kunstcriminaliteit nu werkelijk zo’n groot probleem is. Je hoort en leest dat het om zeker 6 miljard dollar per jaar gaat (hoe komt men aan zo’n getal?) en op de derde plaats staat na drugs en wapens. Dat behoeft nuance: in drugs en wapens gaat jaarlijks 100 miljard dollar om. Nogal een verschil.
Nog een nuance: uitgaande van de totale hoeveelheid kunst in musea en bij particulieren, durf ik de stelling aan dat we het hier hebben over een marginaal probleem. Overigens wel een probleem dat in het nieuws en in speelfilms tot de verbeelding spreekt.

Ton Cremers

October 16th, 2015

Posted In: niet museaal

Tags: , , ,

Al vele jaren lees ik met plezier de boeken van Smeets. Ik heb zeker niet alles gelezen – zijn bibliografie in Verhaal halen, the best of Mart Smeets (uitgeverij Carrera, Amsterdam 2015; samenstelling Jacob Bergsma) beslaat zes pagina’s – maar veel wel. De boeken over wielrennen hadden mijn, zelf bij tijd en wijle een enthousiast fietser, voorkeur, maar ook zijn verhalen over reizen in de Verenigde Staten. Die min of meer autobiografische verslagen tonen een kind in een speelgoedwinkel die niets liever doet dan shoppen, bij voorkeur in CD winkels. Zijn enthousiasme is aanstekelijk. Voor mij althans, want het werd in de loop der jaren in toenemende mate lastig mijn leesplezier te delen met anderen. Waarom weet ik niet, maar hoon was mijn deel en ik kreeg steeds meer de indruk stiekem mijn guilty pleasure voor mij te moeten houden. Zelfs in de boekenwinkel waar ik mijn bestelling van Verhaal halen kocht, kreeg ik te horen dat ik waarschijnlijk een van de laatste Smeetsfans ben in Nederland. Dat zal niet waar zijn. Ik weet niet de oplagecijfers van Smeets’ boeken, maar ga er van uit dat ze voor de uitgever voldoende winstgevend zijn.

Sinds de Avondetappe met Smeets er niet meer is, is de Tour de France voor mij minder interessant, echt niet alleen om aan het einde van de Avondetappe weg te kunnen dromen bij het melancholische Buenas noches mi amor van Dalida. Smeets en Dalida zijn in de loop der jaren voor mij wel met elkaar verbonden geraakt. Dat bleek toen mijn vrouw Monique en ik vorig jaar in Montmartre langs het beeld van Dalida liepen; even voelden we de sfeer van de avondetappe. De Avondetappe was in de eerste plaats een must tijdens de Tour de France, vanwege de rustige sfeer, de gasten, de gesprekken, de verhalen van wijlen Jean Nelisse en Smeets. Dat ik ‘s winters een Dale trui draag, is niet geinspireerd door Smeets, maar het is wel mijn ‘Mart-Smeetstrui’.

Ben ik fan? Ja, zonder enige twijfel. Kritiekloos? Zeker niet. Hij valt iedere keer voor mij een beetje van zijn voetstuk wanneer hij zich laat interviewen. Hij zou niet moeten deelnemen aan die idiotie van elkaar interviewende journalisten, deze journalistieke inteelt (met dank aan Ton Planken). Wanneer hij net iets te fanatiek het gebruik van de autocue verdedigt (door Eva Jinek even fanatiek tegengesproken) manouvreert hij zich in de weinig elegante rol van de seniorprofessional die het beter weet en beter kan, het verleden ophemelt en de nieuwe generatie de les leest. Kromme tenen.

Wat is de reden dat hij zo veel anti-gevoelens oproept? Is het zijn neiging tot bombastisch taalgebruik, is het de overkill aan Mart Smeets in de publiciteit, is het zijn succes? “Mensen zijn bereid je alles te vergeven, behalve je succes”, zei Henk van der Meijden toen hij afscheid nam van De Telegraaf als PRIVE roddelprofessional. Geen van deze drie mogelijke oorzaken van antipathie kan verklaren waarom Smeets uitgekotst wordt. Hoe ver dat uitkotsen gaat is te lezen in de boeiende en vlot geschreven inleiding door Jacob Bergsma in Verhaal halen, the best of Mart Smeets: “Tijdens de research voor dit boek ben ik ronduit geschrokken van de overstelpende hoeveelheid vuiligheid en nog heel, heel, heel veel erger die er over Mart Smeets is geschreven, vooral op de kennelijke vrijplaats die internet heet. Wanneer tegen het topje van de ijsberg aangifte zou worden gedaan, zou het Openbaar Ministerie met een royale dagtaak worden opgezadeld. Dat weet Mart Smeets zelf ook. Hij probeert het niet te lezen. Hij probeert het te ontwijken. Niet zelden loopt hij over straat, of hij wordt beschimpt, bespuugd, uitgescholden of zelfs met de dood bedreigd. En dan nemen ze zijn vrouw, en zijn kinderen en het licht in zijn ogen in een moeite mee. Want ze weten allemaal waar hij woont, dus komen ze hem opzoeken…..“.

Je schrikt er van als je het leest. Het kan bijna niet waar zijn. Las ik ooit een tekst van Mart Smeets die maar in de verte dergelijke reacties verklaart (gerechtvaardigd zijn ze sowieso niet)? Nooit! Als publiek figuur roep je onvermijdelijk alleen al omdat je kop op TV verschijnt negatieve reacties op. Dat hoort er blijkbaar bij. Je hoeft slechts een enkele keer live de tweets te lezen die gestuurd worden naar aanleiding van babbelprogramma’s als De wereld draait door en Pauw en het wordt duidelijk wat Jacob Bergsma bedoelt met ‘de kennelijke vrijplaats die internet heet’. De reacties zijn vaak te walgelijk voor woorden en zelden inhoudelijk waardevol.

Heerlijk dat we leven in een maatschappij waar iedereen vrijwel onbegrensd mag blaten wat hij wil. Jammer dat velen niet begrijpen wat vrijheid van meningsuiting werkelijk inhoudt.

Een keuze uit Twitter in de maand september 2015:

Sep 23 Als Peter R. de Vries, Halina Reijn en Mart Smeets tegelijk ziek zijn, dan is er die week geen tv.

Sep 23 Als Mart Smeets mij ging volgen op Twitter zou ik hem direct blocken

Sep 21  ‘BITCH JE MOEDER IS ZO DIK ALS ZE BIJ DE RADIO ZIT LIJKT ZE OP MART SMEETS IN BODYWARMER.’

Sep 19 Heeft Mart Smeets nou zo’n groot lichaam of een heel klein hoofdje?

Sep 18 Kees Jansma over Mart Smeets: “Moeilijke man, terroriseerde de redactie”

Sep 10 Zijn er echt mensen die Mart Smeets leuk vinden? Echt? Eerlijk?

Sep 9 Zag vanmorgen een ongewassen Mart Smeets recht in de ogen… man man man… wat een stinkerd is dat.

Sep 9 Kan iemand die idioot Mart Smeets achter de microfoon weghalen?

Hoe het ook zij: ik verorber de nieuwe Smeets bloemlezing met veel smaak. Hoewel Smeets zelf in het voorwoord blijkbaar fan van Ischa Meijer was, ‘maar een fan die niet in zijn schaduw kan staan’, vind ik zijn interviews met de weduwe van Piet Moeskops en met Gerrie Kneteman van een ‘meijeriaans’ niveau. Smullen!
Het wordt tijd dat Nico Dijkshoorn, over Smeets een op de man spelend repeteergeweer, uit zijn leegrakende voorraad originaliteit iets anders weet te halen dan “Mag ik dat zeggen, ja, dat mag ik zeggen“… Overigens: met alle respect voor Dijkshoorn die volgens mij de-beste-ooit-column (2010) uitsprak op TV; ook na jaren nog steeds niet met droge ogen aan te horen, en vooral te zien.
Ton Cremers

 

October 1st, 2015

Posted In: niet museaal

Tags: , , ,

Archeologenruzie woekert voort

Jarenlang is het private ArcheoMedia weggezet als ‘een cowboy die de archeologie verpest’. De Erfgoedinspectie heeft daarvoor excuses gemaakt, maar het bedrijf wil nu geld zien.

DEN HAAG – ‘We willen ervan af. Deze zaak sleept al sinds 2007 en er moet een streep onder’, verzucht Hans Magdelijns, hoofdinspecteur monumenten en archeologie van de Erfgoed- inspectie, in de wandelgangen van de Haagse rechtbank. Magdelijns heeft net daarvoor omstandig aan de rechters proberen uit te leggen waar toch de ruzieachtige sfeer in de Nederlandse archeologie van de afgelopen jaren vandaan kwam.

De zaak waarop Magdelijns doelt, is de manier waarop zijn voorganger, de hoogleraar en voormalige decaan van de Leidse faculteit archeologie Willem Willems, oorlog heeft gevoerd met een aantal archeologische bedrijven. Een van die bedrijven, ArcheoMedia uit Capelle aan den IJssel, is aan die oorlog bijna ten onder gegaan en heeft daarom de Erfgoedinspectie en de Staat der Nederlanden voor de rechter gedaagd.

Het bedrijf wil een schadevergoeding van ettelijke miljoenen en is daarmee niet het enige. Een ander opgravingsbedrijf, SOB, bereidt eveneens een procedure tegen de overheid voor, op vergelijkbare gronden.

Volgens ArcheoMedia heeft hoogleraar Willems met een jarenlange fluistercampagne het bedrijf het werken onmogelijk gemaakt. Die campagne omvatte negatieve uitlatingen in de archeologische vakpers, diverse pogingen om de opgraafvergunning van het bedrijf in te trekken, het zwartmaken van ArcheoMedia bij collega-archeologen en het zieken van het bedrijf met onredelijke eisen en voorschriften.

‘In één geval bleef ArcheoMedia zitten met zevenhonderd skeletten die ze had opgegraven in Vlissingen’, zegt de advocaat van het bedrijf. ‘De gemeente wilde daarvoor niet betalen. Uiteindelijk moest ArcheoMedia onder druk van Willems zelf die skeletten verzorgen. Dat zou 700 duizend euro kosten.’

Boetekleed
Dat Willems en de Erfgoedinspectie fout zitten, staat vast. In 2011 trok de belangrijkste toezichthouder op het terrein van de archeologie in Nederland publiekelijk het boetekleed aan. In een ‘rehabilitatiebericht’ op de website van de inspectie zei de dienst dat er ‘betreurenswaardige uitlatingen’ waren gedaan over ArcheoMedia. Ook zou er over een groot aantal jaren ‘niet op feiten gebaseerde informatie’ zijn verschaft.

De inspectie maakte omstandig excuses en liet weten dat er ‘maatregelen zijn genomen om dit soort gedrag niet meer te laten voorkomen’. De portemonnee trekken, dat ging de toezichthouder echter te ver. ‘We willen graag een normale verstandhouding met ArcheoMedia’, zegt Magdelijns. ‘Vandaar deze zeer ongebruikelijke rehabilitatie. Maar de verhoudingen blijven slecht. Het gaat alleen nog om geld. Veel geld.’

Hoogleraar Willems was niet aanwezig in de rechtbank. ‘Ik wist niet dat deze zitting was’, zegt hij vanaf de Leidse archeologiefaculteit. ‘Het is erg makkelijk om de schuld bij mij neer te leggen, terwijl ik al jaren weg ben. De details zijn weggezakt, maar ik weet nog wel dat er bedrijven de markt op kwamen die het in onze ogen niet goed deden. ArcheoMedia was er daar één van.’

Na de millenniumwisseling was de tot dan toe slaperige sector van de archeologie opeens booming business. Aanleiding was een nieuwe wet die gemeenten en projectontwikkelaars verplichtte om bodemonderzoek te doen, voordat er een nieuw bouwproject werd gestart. Tegelijkertijd werd de markt voor archeologie, tot dan toe een zaak van vooral overheden en universiteiten, opengesteld voor private bedrijven.

Zoals ArcheoMedia. In vier jaar tijd groeide het bedrijf uit van een tweemanschap tot een archeologisch bureau met 35 man personeel en opgravingen door heel Nederland. ‘En toen begonnen de aanvaringen met Willems en ging alles mis,’ zegt directeur Aart Vermeulen. ‘Hij was met afstand de belangrijkste man in archeologisch Nederland. Hij zag ons als cowboys die de archeologie verpestten. We hebben nog maar een paar man in dienst.’

Nobelgate
Volgens de advocaat van de Erfgoedinspectie Eric Daalder is de klaagzang van Vermeulen onzin. ‘In een markt, ook de archeologische, zijn er winnaars en verliezers. De staat is niet aansprakelijk als een bedrijf minder opdrachten krijgt.’

Ook wijst Daalder op de zogeheten Nobelgate in 2004, een affaire die diepe sporen heeft getrokken in de Nederlandse archeologie. Daarbij liepen de opgravingskosten op een nieuwbouwlocatie bij de Nobelpoort in Zierikzee zo uit de hand, dat er vier wethouders en diverse ambtenaren werden ontslagen. Uitvoerder ArcheoMedia trof geen blaam, maar het kwaad was geschied, aldus Daalder.

‘Het is vergelijkbaar met de Noord-Zuidlijn in Amsterdam: de Duitse bouwer daarvan zal weinig opdrachten in Nederland meer krijgen na de publiciteit over enorme kostenoverschrijdingen. Door alle ophef over Zierikzee zijn opdrachtgevers op zoek gegaan naar andere opgravingsbureaus dan Ar- cheoMedia’, aldus Daalder.

De rechtbank doet op 6 maart uitspraak. Volgens hoogleraar Willems zal het voor zijn vak allemaal weinig uitmaken. ‘Dankzij de economische crisis zijn we sowieso weer terug bij af met de archeologie.’

January 24th, 2014

Posted In: niet museaal

Tags: , , , ,