Wat hebben Rudy Fuchs, Ruud Spruit, Gerard de Klein, Jelle Reumer en Emily Ansenk met elkaar gemeen?

site-iconmuseumbeveiliging.com/2014/01/27/wat-hebben-ruud-spruit-gerard-de-klein-jelle-reumer-en-emily-ansenk-met-elkaar-gemeen/
27/01/2014 – 09:47De naderende heropening van De Kunsthal te Rotterdam (1 februari 2014) na een ingrijpende verbouwing waarbij het klimaat en de beveiliging onder handen werden genomen, roept de publicitair wanstaltige toestand rondom de inbraak en diefstal van oktober 2012 weer in herinnering. Niet in het minst omdat de directrice van De Kunsthal onlangs in De Volkskrant verklaarde dat de beveiliging van De Kunsthal nu ‘goed’ is. Ansenk schaart zich in het rijtje directeuren van geslachtofferde musea die zich, nadat het fout ging, in de publiciteit ineens ontpopten als experts op het gebied van beveiliging en criminaliteit.Nog geen halve dag nadat een stelletje Roemeense losers kinderlijk eenvoudig wisten in te breken in De Kunsthal verklaarde Ansenk doodleuk dat de beveiliging van haar kunsthal ‘state of the art’ was. Een faux pas door emotie over de inbraak? Een vergeeflijke faux pas, ware het niet dat Ansenk in de dagen na die inbraak zowel in De Volkskrant als de NRC de strekking van dat ‘state of the art’ in andere woorden wederom benadrukte. In De Volkskrant werd ze geciteerd met “Er is geen aanleiding de beveiliging aan te passen”. Kan het nog zouter?Heb ik over dit gestuntel in de media al genoeg gezegd? Je zou het haast denken wanneer je de ingezonden brief van Raaskallende Ruudleest in de NRC van 23 oktober 2012. Spruit, want die Ruud is het, smeedt in zijn brief een band met de directeur van De Kunsthal, Emily Ansenk, waar – ik kan me niet anders voorstellen – Ansenk niet blij mee kan zijn. Ansenks buurman Jelle Reumer – directeur van het Rotterdamse Natuurhistorisch – sprong voor Ansenk en Raaskallende Ruud in de bres in een hysterische mail aan mij. Er ontplooit zich een trend, een trend die jaren geleden werd ingezet door Rudy Fuchs, chagrijnig fulminerend tegen een TV journalist nadat een schilderij van Picasso met een aardappelschilmesje was bewerkt door een bezoeker. Als museumdirecteur geef je na incidenten blijkbaar nooit toe dat de beveiliging gefaald heeft, of minstens kritisch onder de loep moet worden genomen, maar je schreeuwt stampvoetend uit dat die beveiliging ‘state of the art’ (Ansenk), ‘geavanceerd’ (Ruud Spruit) of zonder meer ‘goed’ (Fuchs) is. Om je woorden kracht bij te zetten, geef je desnoods de criminelen een compliment met hun ‘professionaliteit’ (Spruit). Er ligt terrein braak  voor mediatrainers..

Overigens vind ik niet dat in 1999 de beveiliging van het Stedelijk Museum onvoldoende was toen dat Picasso schilderij werd beschadigd. Niet de beveiliging faalde, maar Rudy Fuchs, niet bepaald bekend vanwege zijn bescheidenheid, faalde als woordvoerend directeur en viel als een amateur in de kuil die een volhardende journalist voor hem groef. Een pijnlijke TV vertoning.

Gerard de Klein, met in zijn kielzog conservator Yvonne Ploumen mailden mij ziedend van woede toen ik na de verwoestende brand in het Armando Museum in de pers verklaarde dat er onvoldoende afstemming was geweest tussen de gemeente Amersfoort, eigenaar van de Elleboogkerk waarin het museum gehuisvest was, en het museum. Hoe was het anders mogelijk dat men bezig ging met brandgevaarlijke dakwerkzaamheden terwijl het museum de belangrijkste tentoonstelling uit zijn bestaan had? Een tentoonstelling met kostbare bruiklenen die allemaal in de brand verloren gingen. Ik zou de relatie tussen het museum en de gemeente schade toebrengen met mijn opmerking in de pers, aldus Ploumen in een mail aan mij. Wie wat bewaart, die heeft wat. Mails als die van Ploumen zijn parels in mijn archief. Toen de gemeente Amersfoort de toezegging het museum te herbouwen heroverwoog, inmiddels sloeg ook in Nederland de financiële crisis toe, hadden De Klein noch Ploumen enige boodschap aan de relatie met de gemeente en gingen in de pers helemaal los over de onbetrouwbaarheid van de gemeente. De gemeente zou woordbreuk plegen.

Had die brand in het Armando Museum voorkomen kunnen worden? Natuurlijk. Strikt genomen kan, met uitzondering van brandstichting, iedere brand voorkomen worden. Had voorkomen kunnen worden dat de hele collectie verloren ging? Absoluut! Maar: er was vanuit het museum geen toezicht tijdens de werkzaamheden, het museum bezat geen calamiteitenplan met een onderdeel gewijd aan de collectie en er waren geen afspraken met de brandweer over het redden van de collectie, echter…De Klein en Ploumen wasten hun handen in onschuld en stelden zich als slachtoffers op. Ploumen mag nu de kar trekken bij het nieuwe, virtuele Armando Museum in Amelisweerd en Gerard de Klein vond onderdak als directeur in museumgoudA. Daar liet hij van zich spreken door de verkoop van een schilderij van Dumas en had hij in 2012 de pech dat er ingebroken werd en een kostbare monstrans gestolen. Het zit de man niet mee. Had die diefstal voorkomen kunnen worden? Ja. Treft Gerard de Klein hier blaam? Nee, maar ik ben wel nieuwsgierig wat de beste man gedaan heeft om herhaling te voorkomen.

Jelle Reumer van het Natuurhistorisch vond in zijn eerder genoemde arrogante en hysterische mail aan mij dat ik mijn pijlen niet moest richten op zijn buurvrouw van De Kunsthal, maar op de overheid die beknibbelt op budgetten waardoor de musea niet goed beveiligd kunnen worden. Het deed mij goed te lezen dat ook Jelle Reumer van mening is dat de musea niet ‘state of the art’, of geavanceerd beveiligd zijn. Echter, had de inbraak en diefstal door neushoorndieven in zijn museum iets te maken met teruglopende budgetten? Niets, helemaal niets. Het was de inertie van Reumer die deze diefstal mogelijk maakte. Vanuit zijn museum – er schort in het museum iets aan de loyaliteit met directeur Reumer – bereikte mij de informatie dat Jelle Reumer een waarschuwing door de politie terzijde had gelegd en geweigerd had de neushoorns te voorzien van replica hoorns. Een stap die in Naturalis terecht wel genomen werd toen wereldwijd een hausse aan inbraken plaatsvond in natuurhistorische musea.

Wat hebben Rudy Fuchs, Ruud Spruit, Gerard de Klein, Jelle Reumer en Emily Ansenk met elkaar gemeen?

De beveiliging van het Westfries Museum was, wat Raaskallende Ruud dan ook beweerde, ver onder de maat. Ruud verwaarloosde die beveiliging jarenlang en sloeg waarschuwingen van zijn beveiligingsinstallateur jaar na jaar in de wind. “We gaven feitelijk nooit aandacht aan de beveiliging” verklaarde zijn conservator ooit tijdens een receptie. Maar, Ruud mocht ondanks aantoonbaar falen op zijn post blijven.

De Klein verwaarloosde zijn verantwoordelijkheid als directeur van het Armando Museum en verzuimde, hoewel zijn museum deelnam aan een door het Mondriaanfonds gesubsidieerd project, te zorgen voor een calamiteitenplan voor zijn museum. Maar, Gerard mocht ondanks aantoonbaar falen op zijn post blijven.

De beveiliging van De Kunsthal, dat was geen nieuws, was onvoldoende en er werden geen aanvullende maatregelen getroffen toen er een kostbare tentoonstelling werd ingericht. Maar, Emily mocht ondanks aantoonbaar falen en domme presentaties in de publiciteit op haar post blijven.

Jelle Reumer weigerde de in zijn museum aanwezige hoorns van neushoorns te beveiligen, maar ook Jelle, het wordt eentonig, mocht ondanks aantoonbaar falen op zijn post blijven.

Werd Rudy Fuchs gecorrigeerd nadat hij zo onhandig manoeuvreerde in een TV interview? Niet dat ik weet…misschien achter de schermen?

Zo lang eindverantwoordelijken niet op hun verantwoordelijkheid worden aangesproken en aantoonbaar falen geen consequenties heeft, zal het aanmodderen blijven met de beveiliging van musea.

Ton Cremers

27 januari 2014

Museumbeveiliging, Ton Cremers » Blog Archive » Wat hebben Rudy Fuchs, Ruud Spruit, Gerard de Klein, Jelle Reumer en Emily Ansenk met elkaar gemeen?.

January 27th, 2014

Posted In: blogwereld, brand museum, Columns Ton Cremers, De Kunsthal, diefstal, diefstal uit museum, Jelle Reumer, Kunsthal, museum security, Museum thefts, Ton Cremers

In mijn vorige column ‘Museumbeveiliging, publiciteit en vertrouwelijkheid‘ trachtte ik uit te leggen wat de drijfveer is achter mijn publieke optreden na ernstige incidenten in de museumwereld. Ik schetste hoe ik over het algemeen terughoudend reageer op vragen door de pers en waarom ik in drie gevallen, eigenlijke twee, op basis van argumenten ernstige kritiek had op het falend beveiligingsbeleid.

Het fenomeen dat de zo geprezen vrijheid van meningsuiting geen absoluut recht is wanneer je een mening hebt die niet in dank wordt afgenomen, is mij al lang bekend. Vandaag werd dat duidelijk gemaakt door de onderstaande mail die ik kreeg van Jelle Reumer, directeur van Het Natuurhistorisch te Rotterdam:

-citaat openen-

Dag Ton,

Zojuist je column op de website van Museumbeveiliging gelezen. Ik ben geschokt door je onfatsoen.

Ik denk niet dat er sinds de afschaffing van de Inquisitie zoveel vunzig gif over één persoon is heen gegooid. Het is een meer dan walgelijke karaktermoord, en en passant wordt ook Ruud Spruit weer even onderuit geschopt.

In een periode dat het de musea van overheidswege volstrekt onmogelijk wordt gemaakt om ook maar één suppoost te betalen, laat staan gekwalificeerde beveiligingsmedewerkers, kun je je gifspuit beter in de richting van de overheid wenden.

Heb je uit mijn LinkedIn lijst van contacten verwijderd, met mensen van jouw allooi wens ik niet te worden geassocieerd.

 Jelle Reumer, directeur

Het Natuurhistorisch

-citaat sluiten-

Zo, dat liegt er niet om. Waar zijn de argumenten, vraag ik mij dan af. Jelle verwijt mij op hysterische wijze dat ik gif zou strooien over (voormalige) museumdirecteuren en nodigt mij tegelijkertijd uit met gif te gaan spuiten. Ik mag dus van Jelle wel gif spuiten, maar hij moet bepalen welke kant dat gif uit gaat. Beetje aanmatigend en een wat vreemde ‘argumentatie’.

Het is in ieder geval duidelijk: dat het Westfries Museum werd beroofd van 22 schilderijen en dat op kinderlijk eenvoudige wijze 7 schilderijen in twee minuten werden gestolen uit De Kunsthal is de directeuren van die beide musea niet te verwijten, maar het is die kwade overheid die het volstrekt onmogelijk maakt gekwalificeerde beveiligingsmedewerkers aan te trekken. Wel, onze Jelle durft nog al (dat augustus 2011 hoorns van neushoorns uit zijn museum werden gestolen had helemaal niets te maken met de bezuinigende overheid). Volgens Jelle Reumer zijn de beveiligers bij zijn buurvouw, Emily Ansenk van De Kunsthal, dus niet gekwalificeerd. Weet Reumer wel waar hij het over heeft? Die beveiligers in De Kunsthal zijn conform de Wet Particuliere Beveiligingsorganisaties en Recherchebureaus wel degelijk gekwalificeerd. Mocht dat niet zo zijn, dan handelt De Kunsthal – je kan zo langzamerhand alles verwachten – in strijd met de wet. Niet fris van Jelle Reumer dat hij op deze wijze de beveiligers van De Kunsthal als niet gekwalificeerd onderuit schoffelt. In mijn ogen niets anders dan een trap onder de gordel. Jelle Reumer draagt voor zijn buurvrouw een smoes aan waar ze volgens mij echt niet blij mee kan zijn. Hoe was het ook alweer: met een vriend als Jelle Reumer heb je geen vijanden nodig?

Zou Reumer het werkelijk menen dat die inbraak en diefstal uit De Kunsthal te wijten zijn aan de bezuinigende overheid? Stel dat hij gelijk heeft dat de beveiliging van De Kunsthal door gemeentelijke bezuinigingen onder de maat was, was het dan verantwoord deze tentoonstelling met kostbare bruiklenen te organiseren? Met andere woorden – ik volg de hysterische redenatie (ja, een oxymoron, ik weet het) van Reumer: de overheid knijpt budgetten waardoor de beveiliging (beveiligers) niet is gekwalificeerd, maar de directie besluit doodleuk kostbare objecten die een bruikleengever aan de zorg van De Kunsthal heeft toevertrouwd te tonen.

Het wordt mij ineens duidelijk dat Jelle, hij weet dat zelf nog niet maar hopelijk leest hij ook deze column, het helemaal met mij eens is. De directrice van De Kunsthal wist dat de beveiliging niet in orde was doordat de gemeente op budgetten kortte, maar ging, tegen beter weten in, met deze tentoonstelling door. Foei Ansenk! Cremers en Reumer vinden dat je dat niet had moeten doen (en zeker niet had moeten verkondigen dat de beveiliging van De Kunsthal ‘state of the art’ is).

Met een vijand als Jelle Reumer heb ik helemaal geen vrienden nodig!

Noemde ik Ruud Spruit ‘en passant’? Wat een slechte lezer is onze Jelle. Ik noemde raaskallende Ruud helemaal niet ‘en passant’, maar als het meest duidelijke voorbeeld van een directeur die de beveiliging van zijn museum jarenlang stelselmatig verwaarloosde. Lag het toen ook aan de wegens crisis bezuinigende overheid? Welnee: het was juichende hoogconjunctuur toen het Westfries Museum leeggeroofd werd. Er was geld genoeg. Wat bij zelfverheerlijkende Spruit ontbrak was een visie, het ontbrak hem aan interesse voor de beveiliging. In de jaren voorafgaand aan de roof uit zijn museum diende Spruit nooit enig voorstel in bij de gemeente om de beveiliging van zijn museum te verbeteren; ondanks dat de installateur hem keer op keer attent maakte op de noodzaak daartoe.

Jelle en zijn buurvrouw moeten zich realiseren dat klagen over te gebrekkige budgetten om hun museum goed te beveiligen feitelijk een schuldbekentenis inhoudt. Denk daar maar over na beste beunhazende professor..

Jelle Reumer heeft, net als ik, recht op zijn mening. Jammer dat hij zich beperkt tot opgewonden schelden en geen enkel houdbaar argument aandraagt. Wat zal ik Jelle missen op LinkedIn. Ik ga een zwaar weekend tegemoet.

Ton Cremers

December 13th, 2012

Posted In: De Kunsthal, diefstal uit museum, Jelle Reumer