This content is password protected. To view it please enter your password below:

September 5th, 2013

Posted In: Catharijneconvent, diefstal uit museum

This content is password protected. To view it please enter your password below:

September 5th, 2013

Posted In: Catharijneconvent, diefstal uit museum

De Kunsthal, het Catharijne Convent, Huis Doorn, het Stedelijk Museum Zutphen, Museum Bommel van Dam…vijf geslachtofferde Nederlandse musea binnen vijf maanden en het einde zal ongetwijfeld nog niet in zicht zijn. Criminelen zien onze musea blijkbaar als ‘soft targets’ en erger nog: ze bewijzen hun gelijk te vaak. Dit kan niet langer zo door gaan.

Het zal toch niet zo zijn dat inbrekers na het ‘makkie’ in De Kunsthal zich realiseren dat ‘state of the art’ beveiliging bij musea synoniem is aan gemakkelijke binnendringen. Zal hier sprake zijn van ‘copy cat’ criminaliteit? Het gaat er op lijken.

Het wordt nu echt tijd dat alle, maar dan ook alle musea zich zorgen maken over en aandacht besteden aan de inbraakwerendheid van de gebouwen (en de vitrines in die gebouwen) en niet langer vertrouwen op bewegingsmelders binnen het gebouw, maar zorgen voor detectie op de buitenschil van de gebouwen.

Niet alle inbraken zullen voorkomen kunnen worden. Was het maar waar, maar de inbraak en diefstal in De Kunsthal – er zijn nog geen details bekend over de inbraken in Zutphen en Venlo – had zonder meer voorkomen kunnen worden.

Als het al lukt een buitendeur te forceren, inbrekers deinzen er niet voor terug zelfs explosieven te gebruiken (Museum Gouda 2012), dan nog moet het inbrekers grote moeite en tijd kosten verder door te dringen. Dat kan via inbraakvertragende compartimenten en inbraakvertragende vitrines. Het gaat om ontmoedigen en tijd winnen zodat de alarmopvolgers adequaat kunnen reageren.

Er zijn naast compartimenteringsmaatregelen nog andere middelen om na binnendringen in het gebouw diefstal te verijdelen. Heel effectief is de Inferno Sound Barrier. Bij testen is gebleken dat niemand langer dan 30 seconden in een ruimte kan blijven waar Inferno klinkt. Proefpersonen werden onwel en moesten overgeven na die 30 seconden.

Er bestaat geen enkele beveiligingsmaatregelen die op zichzelf afdoende is. In de beveiliging wordt het begrip ‘redundancy’ gehanteerd. Die sound barrier kan immers omzeild worden via oorbeschermers (dan moeten inbrekers die wel bij zich hebben). Naast geluid kan stroboscopisch licht een belangrijke rol vervullen. Helaas bestaat er weerstand tegen het gebruik van mistgeneratoren die razendsnel een ruimte ondoordringbaar maken.

Waarom geen rolluiken achter ramen en deuren? Er zijn gecertificeerde rolluiken die zeer afdoende zijn tegen inbraak. In enkele Nederlandse musea zijn de afgelopen tien jaar inbraakwerende vitrines geplaatst die volgens testen 15 tot zelfs 20 minuten bestand zijn tegen aanvallen met koevoeten, (voor)hamers en ander handgereedschap.

Het kan allemaal. Het is mogelijk om inbraken als in Rotterdam, Doorn, Zutphen en Venlo te voorkomen, of een diefstal tijdens openingstijd zoals in het Catharijne Convent (via inbraakwerende vitrines).

Al die voorzieningen zullen heel afdoende blijken, maar ze kosten geld. Er moet een relatie zijn tussen investeringen in beveiligingen en de waarde van te beschermen objecten.

Klagen over gebrek aan budgetten om afdoende te beveiligen is feitelijk een schuldbekentenis: het betekent namelijk dat er voor gekozen wordt objecten bewust te kwetsbaar te tonen. Als het niet mogelijk is objecten op een veilige wijze te tonen, dan moeten ze maar – tijdelijk – niet getoond worden.

Dat soms helemaal geen geld nodig is om maatregelen te treffen, maar het door nalatigheid toch fout gaat betoogde ik al in een bizarre discussie met de directeur van het Natuurhistorisch (museum) in Rotterdam.

Ton Cremers

 

 

March 22nd, 2013

Posted In: Catharijneconvent, Columns Ton Cremers, commentaar, De Kunsthal, diefstal, diefstal uit museum, Kunsthal, Uncategorized

Verdriet bij bisdom om gestolen monstrans

http://www.at5.nl/artikelen/95374/verdriet-bij-bisdom-om-gestolen-monstrans

 

Het bisdom Haarlem-Amsterdam heeft met ontzetting gereageerd op de diefstal van een peperdure monstrans, gisteren in Utrecht.

Twee nog onbekende personen hebben daar dinsdagmiddag een zogenaamde monstrans, een houder voor de  geconsacreerde hostie, geroofd uit vitrines van museum Catharijneconvent in Utrecht. 

 

(………………………………………………………..

 

Vorig jaar maart werd uit het Museum Gouda ook een zilveren monstrans gestolen die tot op de dag van vandaag onvindbaar is. Museumdirecteur Marieke van Schijndel noemde het object na de roof al ‘onverkoopbaar’ en ook het bisdom denkt niet dat het voorwerp zomaar te verkopen is.”

 

 

Een object met diamanten onverkoopbaar? Hoe naïef kan je zijn. Natuurlijk is dat object verkoopbaar. Er is een markt voor. Die markt is voor het hele object beperkt, maar voor de kostbare onderdelen van de monstrans is zeker een markt.

 De discussie over het al of niet bestaan van een markt is overigens een non-discussie. Al vele tientallen jaren, na honderden diefstallen – al of niet buitenopeningstijd bij een inbraak of tijdens openingstijd sneaky of met geweld – is aangetoond dat onverkoopbaarheid niet leidt tot vermindering van het aantal incidenten.

 Bekende, kostbare, veelvuldig gedocumenteerde kunst beschermt niet zichzelf omdat dieven er toch niets mee kunnen. Daar zijn maatregelen voor nodig. Maatregelen die soms wel en soms geen investeringen eisen.

 

Bij die maatregelen horen inbraakwerende gebouwen, inbraakwerende vitrines, inpandige inbraakvertragende compartimenteringen (eventueel met rolluiken), meeneembeperkende maatregelen zoals ophang- en bevestigingssystemen, elektronische signalering, cameraobservatie, en organisatorische maatregelen zoals opleiding en training van het personeel en adequate alarmopvolging.

 

De afgelopen jaren wordt door slimme en vasthoudende marketing veel te veel de nadruk gelegd op de training van personeel om afwijkend gedrag te herkennen. Die training is een marginaal onderdeel van het hele pakket aan preventieve maatregelen. Het is zeer de vraag – eigenlijk weet ik het antwoord wel – of een dergelijke training de diefstal van een monstrans uit het Catharijneconvent had kunnen voorkomen. De dief of dieven zijn zonder enige twijfel eerder in het museum geweest om de boel te verkennen. Stel dat een van de suppoosten de indruk had gehad dat de objecten en de beveiliging op een ‘deviante’ wijze door de criminelen worden geobserveerd, wat kan die suppoost dan doen? De bezoekers aanspreken en vragen of ze informatie willen? Dat kan en de verkennende crimineel zou dan weten dat hij in de gaten gehouden wordt. Voldoende reden een volgende dag niet terug te keren met een bivakmuts op? Misschien, heel misschien. Kan die bezoeker het museum uitgezet worden omdat hij deviant kijkt? Nee. Kan de politie gebeld worden met het verzoek die rare bezoeker op te pakken? Nee. Kan de politie verzocht worden te posten voor het museum totdat die rare man terug komt? Allemaal vragen die helaas ontkennend beantwoord moeten worden. Bovendien is het heel goed mogelijk dat de verkenner niet de feitelijke dader zal worden.

 

Hoe had deze hit-and-run diefstal van een monstrans wel voorkomen kunnen worden?

 

Er zijn bij enkele collectiebeheerders in Nederland vitrines van een hoogwaardige inbraakwerendheid. Deze vitrines zijn door professionals getest en het is niet gelukt met gebruik van (voor)hamers, bijlen en andere gereedschappen binnen twintig minuten die vitrines te openen.

 

Ja, maar dat kost toch geld. Ja, dat kost geld! Er moet een relatie zijn tussen de investering en wat je beschermt. Als het erom gaat een object ter waarde van

€ 250.000,00 te beschermen dan kosten dergelijke vitrines een fractie.

 

Geen budget voor het treffen van maatregelen, dat hoor je vaak, is feitelijk een schuldbekentenis: een  museumverantwoordelijke die zegt geen middelen te hebben om objecten adequaat te beveiligen bekent feitelijk dat bewust gekozen wordt voor te kwetsbare presentaties. Geen geld voor beveiliging – let wel: beveiliging is een museale kerntaak – betekent dat het museum niet in staat is een kerntaak naar behoren uit te voeren. Dat mag ‘onze’ objecten niet aangedaan worden.

 

Ton Cremers

 

 ++++++++++

Ton Cremers
+31624224620
http://www.linkedin.com/in/toncremers
https://groups.google.com/group/museum_security_network
http://www.museum-security.org 

Stolen Egyptian Ka Nefer Nefer Mask in Saint Louis Art Museum
++++++++++++++++++++++++++++

 

January 30th, 2013

Posted In: Catharijneconvent, Columns Ton Cremers, diefstal uit museum, Museum thefts, religieuze voorwerpen

Verdriet bij bisdom om gestolen monstrans

http://www.at5.nl/artikelen/95374/verdriet-bij-bisdom-om-gestolen-monstrans

 

Het bisdom Haarlem-Amsterdam heeft met ontzetting gereageerd op de diefstal van een peperdure monstrans, gisteren in Utrecht.

Twee nog onbekende personen hebben daar dinsdagmiddag een zogenaamde monstrans, een houder voor de  geconsacreerde hostie, geroofd uit vitrines van museum Catharijneconvent in Utrecht. 

 

(………………………………………………………..

 

Vorig jaar maart werd uit het Museum Gouda ook een zilveren monstrans gestolen die tot op de dag van vandaag onvindbaar is. Museumdirecteur Marieke van Schijndel noemde het object na de roof al ‘onverkoopbaar’ en ook het bisdom denkt niet dat het voorwerp zomaar te verkopen is.”

 

 

Een object met diamanten onverkoopbaar? Hoe naïef kan je zijn. Natuurlijk is dat object verkoopbaar. Er is een markt voor. Die markt is voor het hele object beperkt, maar voor de kostbare onderdelen van de monstrans is zeker een markt.

 De discussie over het al of niet bestaan van een markt is overigens een non-discussie. Al vele tientallen jaren, na honderden diefstallen – al of niet buitenopeningstijd bij een inbraak of tijdens openingstijd sneaky of met geweld – is aangetoond dat onverkoopbaarheid niet leidt tot vermindering van het aantal incidenten.

 Bekende, kostbare, veelvuldig gedocumenteerde kunst beschermt niet zichzelf omdat dieven er toch niets mee kunnen. Daar zijn maatregelen voor nodig. Maatregelen die soms wel en soms geen investeringen eisen.

 

Bij die maatregelen horen inbraakwerende gebouwen, inbraakwerende vitrines, inpandige inbraakvertragende compartimenteringen (eventueel met rolluiken), meeneembeperkende maatregelen zoals ophang- en bevestigingssystemen, elektronische signalering, cameraobservatie, en organisatorische maatregelen zoals opleiding en training van het personeel en adequate alarmopvolging.

 

De afgelopen jaren wordt door slimme en vasthoudende marketing veel te veel de nadruk gelegd op de training van personeel om afwijkend gedrag te herkennen. Die training is een marginaal onderdeel van het hele pakket aan preventieve maatregelen. Het is zeer de vraag – eigenlijk weet ik het antwoord wel – of een dergelijke training de diefstal van een monstrans uit het Catharijneconvent had kunnen voorkomen. De dief of dieven zijn zonder enige twijfel eerder in het museum geweest om de boel te verkennen. Stel dat een van de suppoosten de indruk had gehad dat de objecten en de beveiliging op een ‘deviante’ wijze door de criminelen worden geobserveerd, wat kan die suppoost dan doen? De bezoekers aanspreken en vragen of ze informatie willen? Dat kan en de verkennende crimineel zou dan weten dat hij in de gaten gehouden wordt. Voldoende reden een volgende dag niet terug te keren met een bivakmuts op? Misschien, heel misschien. Kan die bezoeker het museum uitgezet worden omdat hij deviant kijkt? Nee. Kan de politie gebeld worden met het verzoek die rare bezoeker op te pakken? Nee. Kan de politie verzocht worden te posten voor het museum totdat die rare man terug komt? Allemaal vragen die helaas ontkennend beantwoord moeten worden. Bovendien is het heel goed mogelijk dat de verkenner niet de feitelijke dader zal worden.

 

Hoe had deze hit-and-run diefstal van een monstrans wel voorkomen kunnen worden?

 

Er zijn bij enkele collectiebeheerders in Nederland vitrines van een hoogwaardige inbraakwerendheid. Deze vitrines zijn door professionals getest en het is niet gelukt met gebruik van (voor)hamers, bijlen en andere gereedschappen binnen twintig minuten die vitrines te openen.

 

Ja, maar dat kost toch geld. Ja, dat kost geld! Er moet een relatie zijn tussen de investering en wat je beschermt. Als het erom gaat een object ter waarde van

€ 250.000,00 te beschermen dan kosten dergelijke vitrines een fractie.

 

Geen budget voor het treffen van maatregelen, dat hoor je vaak, is feitelijk een schuldbekentenis: een  museumverantwoordelijke die zegt geen middelen te hebben om objecten adequaat te beveiligen bekent feitelijk dat bewust gekozen wordt voor te kwetsbare presentaties. Geen geld voor beveiliging – let wel: beveiliging is een museale kerntaak – betekent dat het museum niet in staat is een kerntaak naar behoren uit te voeren. Dat mag ‘onze’ objecten niet aangedaan worden.

 

Ton Cremers

 

 ++++++++++

Ton Cremers
+31624224620
http://www.linkedin.com/in/toncremers
https://groups.google.com/group/museum_security_network
http://www.museum-security.org 

Stolen Egyptian Ka Nefer Nefer Mask in Saint Louis Art Museum
++++++++++++++++++++++++++++

 

January 30th, 2013

Posted In: Catharijneconvent, Columns Ton Cremers, diefstal uit museum, Museum thefts, religieuze voorwerpen